Geen categorie

ONTSTEKING KAN DEPRESSIE VEROORZAKEN

Depressies zijn soms het gevolg van een ontsteking. Wordt die lichamelijke oorzaak aangepakt, dan verdwijnt ook de depressie.

Mensen met een depressie hebben vaak een lagere concentratie van het ‘geluks’-hormoon serotonine in hun bloed. Veel antidepressiva zijn er dan ook op gericht meer serotonine beschikbaar te maken. Maar er komen steeds meer aanwijzingen dat een depressie ook gelinkt kan zijn aan het immuunsysteem. Daarbij spelen cytokinen een cruciale rol. Dat zijn de signaalstoffen die een (ontstekings)reactie tegen een ziekteverwekker op gang trekken en nadien weer afremmen. Ze zorgen er daarnaast voor dat we ons lusteloos en moe voelen, sociale contacten mijden, minder gaan eten, …: kortom, dat we alleen nog zin hebben om ons terug te trekken in een warm bed, zelfs al hebben we alleen last van een simpele verkoudheid. Dat is goed, want terwijl wij rusten, krijgt ons immuunsysteem alle tijd om de ziekte te lijf te gaan.

Deze psychische symptomen lijken wel heel erg op de symptomen van een depressie of andere aandoeningen zoals burn-out of het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS). Uit meerdere studies is inderdaad gebleken dat mensen die aan een depressie lijden hogere concentraties ontstekingsbevorderende signaalstoffen in hun bloed hebben dan psychisch gezonde mensen. Mogelijk is hun immuunsysteem uit balans geraakt door een chronische ontsteking die verder weinig klachten geeft, zoals een infectie aan de urinewegen of een tandwortelontsteking. Als die niet ontdekt worden, bestaat het risico dat de patiënt bij een psychotherapeut terechtkomt, terwijl hij eigenlijk simpelweg ontstekingsremmers nodig heeft.
Andere studies wijzen op de rol die stress speelt. Chronische en acute stress zouden ervoor kunnen zorgen dat ons immuunsysteem permanent in staat van paraatheid verkeert, en dus ontstekingsbevorderende cytokinen produceert. Psychiater Charles Raison (University of Arizona) kwam na een meta-analyse van verscheidene studies dan weer tot de conclusie dat ons immuunsysteem in onze moderne, ‘microbenloze’ samenleving te weinig getraind raakt en daardoor overreageert op onschadelijke stoffen. Dat zou niet alleen het ontstaan van allergieën bevorderen, maar ook van depressies.

Er zijn dus veel aanwijzingen dat bij depressie het evenwicht tussen ontstekingsbevorderende en ontstekingsremmende signaalstoffen is verstoord. Daarom experimenteren onderzoekers momenteel met ontstekingsremmers. Zo toonde Jance Kiecolt-Glaser (University of Ohio) bijvoorbeeld al aan dat studenten minder examenstress hebben als ze onstekingsremmende omega-3-vetzuren kregen. Experimenten met proefdieren liet ten slotte zien dat de toediening van ontstekingsremmende signaalstoffen hen minder moe en lusteloos maakte.

Geen categorie

LICHAAMSBEWEGING ZOU DEPRESSIE HELPEN VERLICHTEN: EEN REVIEW

NEW YORK 13/09 – Lichaamsbeweging zou de symptomen van depressie helpen verlichten, volgens een nieuwe meta-analyse.

Personen die sportten, vertoonden een “matige” reductie van hun depressieve symptomen vergeleken met personen die andere activiteiten deden, zoals relaxatieoefeningen, of die geen behandeling kregen. “Deze review biedt bijkomende bewijzen dat lichaamsbeweging enig voordeel kan bieden,” verklaarde de hoofdauteur Dr. Gillian Mead van de University of Edinburgh in Schotland aan Reuters Health. Een review van 2009 van de Cochrane Collaboration toonde gelijkaardige resultaten, maar sindsdien werden meer studies gepubliceerd in verband met de link tussen lichaamsbeweging en depressie. “Er waren enkele nieuwe studies in dit domein en – in het algemeen – moet de Cochrane review geactualiseerd blijven als er nieuwe bewijzen zijn die aanleiding kunnen geven tot veranderingen,” aldus Mead. Voor de nieuwe review poolden zij en haar team de gegevens van 35 studies bij 711 mensen die gerandomiseerd werden voor een oefenprogramma en 642 die gerandomiseerd werden voor vergelijkende groepen. Omdat de studies verschillende schalen gebruikten om depressie te evalueren, zetten de onderzoekers de resultaten om in één enkele meting om een vergelijking te maken tussen de groepen die wel of niet aan lichaamsbeweging deden. Op basis van deze meting wijst een verschil tussen de groepen van 0,2, 0,5 en 0,8, respectievelijk, op een gering, matig of groot effect. Het team van Mead vond een verschil van 0,62 punten in depressieve symptomen in het voordeel van de personen die sportten. In één van de geëvalueerde studies van 2007, bijvoorbeeld, voldeed 45% van de personen die deelnamen aan begeleide oefeningen niet langer aan de criteria van depressie na 4 maanden, vergeleken met 31% van de personen onder placebo. In een andere studie van 2002 vertoonde 55% van de oudere mensen een significante afname van hun depressieve symptomen na 10 weken lichaamsbeweging, vergeleken met 33% van de personen die deelnamen aan informatieve gesprekken tijdens die periode. Het verschil tussen de groepen was echter sterk verminderd als de auteurs van de review alleen de gegevens analyseerden van de zes studies die als studies van hoge kwaliteit werden beschouwd. Toch bleek lichaamsbeweging de depressieve symptomen evenveel te verminderen als psychotherapie of antidepressiva. Maar Mead waarschuwde ervoor dat deze bevindingen alleen gebaseerd zijn op de gegevens van een klein aantal studies. “Men moet voorzichtig zijn om te stellen dat lichaamsbeweging even effectief is als andere behandelingen,” verklaarde ze. Ze voegde eraan toe dat het nog onbekend is op welke manier lichaamsbeweging depressie beïnvloedt. “Er bestaan vele hypothesen over de mogelijke mechanismen, maar ik denk niet dat er voldoende bewijzen in de literatuur zijn om het ene mechanisme te verkiezen boven het andere,” aldus Mead. De onderzoekers konden ook niet zeggen welke type oefening het best is, maar Mead verklaarde dat vroegere reviews de mensen adviseerden om een activiteit te kiezen die ze lang kunnen volhouden. “Eens mensen lichaamsbeweging hebben voorgeschreven gekregen of kiezen voor lichaamsbeweging, bestaat de grote uitdaging erin dit waar te maken,” verklaarde Dr. Madhukar Trivedi, die het effect van lichaamsbeweging op depressie bestudeerde maar die niet betrokken was bij het nieuwe onderzoek, aan Reuters Health. “Als de aanbeveling van de behandelende arts is dat je aan een bepaalde frequentie en intensiteit moet oefenen…is het belangrijk dat je dat schema week na week volhoudt,” verklaarde Trivedi, professor psychiatrie aan UT Southwestern Medical Center in Dallas. Michel Lucas, die niet betrokken was bij de nieuwe review maar die de topic voordien al bestudeerde, verklaarde dat de studies een dosis-respons verband tussen lichaamsbeweging en depressie neigen aan te tonen. “De dosis is zeer belangrijk. Als je zeer traag wandelt, heeft dit geen effect,” verklaarde Lucas, consultant aan de Harvard School of Public Health in Boston, aan Reuters Health.