Blog

Bijscholing

Bijscholing: Het Mulligan Concept: Mobilisation with Movement® – Blok C

DSC07519

Een veilige en effectieve manier van mobiliseren voor alle kinesitherapeuten (100% pijnvrij behandelen).

Het ontstaan van het Mulligan Concept in de jaren ‘90 lijkt een logische stap in de ontwikkeling van de behandeling van klachten aan het bewegingsapparaat. Gedurende de afgelopen decennia zijn er diverse trends geweest in de wereld van de kinesitherapie en manuele therapie. Sommigen predikten vooral passieve technieken, anderen legden meer verantwoordelijkheid bij de patiënt en stimuleerden het revalidatieproces via een meer actieve benaderingswijze.

Mulligan heeft op een systematische manier deze twee methoden als eerste met elkaar gecombineerd. Door meer “open minded” om te gaan met bestaande principes heeft hij zowel voor de perifere gewrichten als de wervelkolom een nieuw onderzoeks-en behandelsysteem ontwikkeld. Zijn MWM’s (perifeer) als SNAG’s (wervelkolom) zijn een combinatie van een passieve correctie (assessory movement) en een actieve beweging. Met deze techniek wordt, indien deze geïndiceerd is, snel en pijnvrij functie teruggewonnen. De doelgroep voor de cursussen bestaat vooral uit kinesitherapeuten en manueel therapeuten. Sportkinesitherapeuten echter zullen zich ook thuis voelen op onze cursus.

Portret Brian Mulligan

DSC01403

Wie Brian Mulligan life heeft meegemaakt tijdens een lezing of cursus, zal deze ontmoeting niet snel vergeten. Door 50 jaar vakmanschap te combineren met een enorm gevoel voor humor heeft hij zijn methode in 20 jaar op de kaart gezet.In 2007 ontving hij uit handen van de voorzitter van de WCPT een “International Service Award” voor zijn buitengewone verdiensten voor de kinesitherapie.

Brian Mulligan woont in Nieuw Zeeland, Wellington. Hij runde daar jarenlang zijn eigen praktijk en was daarnaast decennia lang actief in het doceren van het door hem ontwikkelde concept. Thans is Brian Mulligan tachtig jaar, maar nog steeds actief voor de MCTA organisatie.

Cursussen Mulligan Concept zijn een verademing doordat vooral de praktijk ruime aandacht krijgt en de geleerde vaardigheden direct kunnen worden toegepast. Door in de huidige tijd te werken met pijnvrije, en dus veilige technieken heeft het Mulligan Concept snel veel aanhangers verworven.

Docent

DSC02087

René Claassen
René Claassen deed zijn eerste werkervaring op bij de Koninklijke Luchtmacht. In deze periode behaalde hij zijn diploma Cyriax en Manuele Therapie. Daarnaast volgde hij de cursussen van het Mc Kenzie Concept en diverse andere op het gebied van de Manuele Therapie.

In 1990 startte René zijn eigen praktijk in Vught. In 2005 is hij met zijn medewerkers geparticipeerd in het nieuwe gezondheidscentrum in zijn woonplaats. Ervaring in de sportwereld deed hij op met het begeleiden van nationale sportteams, zoals de dames hockeyselectie ( 1992-1994) en de nationale zwemploeg (1999-2000).

In 1994 liep René samen met zijn collega Peter van Dalen een aantal weken stage in de praktijk van Brian Mulligan om zich verder te verdiepen in diens concept. In 1995 werd de Mulligan Concept Teachers Association opgericht. Dit was ook het jaar waarin René Claassen en Peter van Dalen met de cursussen van start gingen in Nederland. Na de oprichting van de MCTA in 1995 is René Claassen 10 jaar voorzitter geweest van deze organisatie. Aanvankelijk doceerde hij het concept alleen in Nederland, maar al weer heel wat jaren o.a. ook in Belgie, waar de cursussen inmiddels ook bekendheid genieten.

René startte daarnaast ook met de cursussen Taping Concepts en BACKtoGOLF. In 2000 behaalde René het instructors diploma Kinesiotaping. Hij werd onderricht in deze methode door Kenzo Kase (die de rekbare tape heeft uitgevonden). De cursus Taping Concepts kan, net als de cursus Mulligan Concept in Brasschaat, Belgie, worden gevolgd. De cursus BACKtoGOLF, een cursus die ontstond vanuit de interesse in de golfsport, alleen in Nederland.

René woont in Vught, Noord-Brabant, is getrouwd en heeft twee kinderen.

temporomandibulaire disfuncties

Bijscholing: Kinesitherapie bij temporomandibulaire disfuncties

Gerelateerde afbeelding

Temporomandibulaire dysfunctie (TMD) is een verzamelnaam voor stoornissen van het bewegingsapparaat van het kauworgaan. Hier leest u over de meest voorkomende klachten bij TMD en de behandelingsmogelijkheden.

Klachten bij TMD

De meest voorkomende klachten bij TMD zijn:

  • pijn of vermoeidheid van de kauwspieren;
  • het niet goed kunnen openen van de mond;
  • pijn van het kaakgewricht;
  • knappende of krakende kaakgewrichten;
  • overgevoelige of pijnlijke tanden en kiezen;
  • abnormale slijtage van het gebit.

Ook oor-, hoofd- en nekpijn kunnen te maken hebben met stoornissen in het kauworgaan.

Toelichting klachten

Het kauworgaan bestaat uit de kauwspieren, het kaakgewricht, het gebit en de bijbehorende vaat- en zenuwvoorziening.

Illustratie kauworgaan

Afbeelding 1. Onderdelen van het kauworgaan


A. Kauwspieren
B. Kaakgewricht
C. Kaakgewricht bij een gesloten mond
D. Kaakgewricht bij een geopende mond

Kauwspieren

De kauwspieren zorgen voor de dagelijkse bewegingen van de kaak tijdens vitale functies als kauwen, slikken of praten. Maar ook bij sociale functies als zoenen en fluiten. De kauwspieren worden veel gebruikt. Zoals bij alle spieren is het belangrijk dat de kauwspieren voldoende rust krijgen.

Parafuncties
Als kauwspieren meer doen dan de normale dagelijkse activiteiten, spreken we van afwijkend mondgedrag of parafunctie. Onder parafuncties verstaan we:

  • klemmen;
  • knarsen;
  • nagelbijten;
  • lipbijten;
  • wangbijten;
  • kauwgom kauwen;
  • op pennen bijten;
  • met de tong persen of spelen;
  • vacuüm zuigen.

Stress
Stress is een belangrijke factor die meespeelt in het verergeren van parafuncties. Denk maar aan ‘doorbijten’ als het moeilijk wordt, ‘het voor de kiezen krijgen’ of ‘op het tandvlees lopen’. Door deze mondgewoonten of parafuncties raken de kauwspieren overbelast. Kauwspieren kunnen pijnlijk worden, vermoeid raken of een uitstralende hoofd-, oor- of kiespijn geven.

Kaakgewricht

Het kaakgewricht bevindt zich vlak voor het oor en bestaat uit een kaakkopje en een kaakkom met daartussen een kraakbeenschijf (de discus). Deze discus heeft de functie van stootkussen voor het opvangen van de kauwkrachten en zorgt ervoor dat de mond open en dicht kan. Het linker- en rechterkaakgewricht zijn met elkaar verbonden door de onderkaak, waardoor ze tegelijkertijd kunnen bewegen.

Mond openen
Het openen van de mond is globaal te verdelen in twee bewegingen. Eerst treedt er voornamelijk een draaibeweging op van het kaakkopje in de kaakkom, daarna glijdt het kaakkopje uit de kaakkom naar voren. Dit kunt u voelen door de vingers voor de oren te leggen en de mond rustig te openen. Op het moment dat u de kaakkopjes tegen uw vingers voelt duwen, glijdt het kaakkopje naar voren. Dit is een normale beweging en uw kaak schiet dan niet ‘uit de kom’. Alle bewegingen van het kaakgewricht worden gestuurd door de kauwspieren.

Kaakgewricht geluiden
Het kan voorkomen dat de discus iets verschuift, waardoor er een knap ontstaat in een of beide kaakgewrichten. Soms is de discus zo verschoven dat de beweging van de onderkaak hierdoor wordt gehinderd en de mondopening beperkt is.
Naast knappen kan er ook een schurend geluid in een of beide kaakgewrichten hoorbaar zijn. Dit wordt ook wel slijtage genoemd. Slijtage geeft over het algemeen geen pijnklachten of problemen met bewegen.

Gebit

Het gebit zit verankerd in het kaakbot van de onder- en bovenkaak. Voor een juiste belasting van de kaakgewrichten is het belangrijk dat de tanden en kiezen ongestoord op elkaar kunnen sluiten. Als dit niet het geval is, kunnen veranderingen in de kaakgewrichten optreden. Veel klemmen en knarsen kan slijtage aan tanden en kiezen geven, waardoor de gewrichten ongunstig belast worden. Overigens kunnen tand- of kiespijnklachten ook sterk op TMD lijken, maar geen TMD zijn.

Diagnose

Voordat tot behandeling wordt overgegaan, is het van belang duidelijk vast te stellen wat bij u de oorzaak van TMD is. Zo nodig zal een behandelplan worden opgesteld. De behandelaar kan de tandarts, fysiotherapeut, kaakchirurg of psycholoog zijn of een combinatie van hen. Bij problemen met de spraak wordt de logopedist er ook bij betrokken.

Behandeling

  • Splint: Als de tanden en kiezen niet goed op elkaar passen, kan de tandarts dit inslijpen of met een plastic plaatje (splint) proberen passend te maken, zodat de kaak op een juiste manier wordt belast. Ook wordt de splint vaak toegepast bij bewegingsbeperkingen. Bij abnormale tandslijtage wordt een splint gedragen om het gebit te beschermen. 
  • Oefeningen: Van de fysiotherapeut krijgt u instructies hoe u de mond goed kunt gebruiken en ontspannen. Vaak krijgt u oefeningen om thuis zelf pijnlijke kauwspieren los te masseren. Verder bekijkt de fysiotherapeut of er een verband is tussen bijvoorbeeld nekklachten en TMD. 
  •  Psychologische hulp: Parafuncties worden doorgaans verergerd door stress. Soms kan het nodig zijn dat de psycholoog u leert hoe u met uw stress kunt omgaan, zodat de negatieve gevolgen ervan worden voorkomen of beperkt. Ook kan de psycholoog methoden aanreiken om te leren ontspannen in geval van overmatig klemmen of knarsen. 
  • (Kijk)operatie: Een operatie van de kaakgewrichten bij TMD wordt slechts zelden uitgevoerd vanwege de slechte voorspelbaarheid van deze behandeling. Soms is het mogelijk dat de kaakchirurg via een kijkoperatie het gewricht nauwkeurig bekijkt en/of schoonmaakt.
  • Eigen inzet: Wie u ook gaat behandelen, uw eigen medewerking is de belangrijkste factor. Succes is alleen mogelijk als u de gegeven adviezen en instructies zorgvuldig naleeft en de oefeningen regelmatig doet.

Contact

Heeft u nog vragen? Uw kinesitherapeut staat u graag te woord.

Stretching

Rekken; een rekbaar fenomeen

Er bestaan in de medische wereld verschillende opvattingen over het rekken/stretchen van de spieren. Voorstanders zijn geneigd te zeggen dat het bevorderlijk is voor de functie van de spieren. Tegenhangers beweren echter dat het rekoefeningen alleen maar schadelijk zijn en dus een nadelig effect hebben op de spieren. Ook het moment van rekken (vóór of ná de training) is onderdeel van discussie.

Hier bespreken we de opvattingen vanuit beide kampen, inclusief de theorie achter het rekken.

Afbeeldingsresultaat voor stretch

Waarom wel rekken?

Er bestaan meerdere standpunten over de functie van rekken en de invloed ervan op de spieren. Laten we direct een fabel uit de wereld helpen: het rekken van de spier maakt de spier NIET langer.
Het is wel zo dat de rektolerantie (het verleggen van de pijngrens bij rekken) van de spieren toeneemt. Dit is een pijnreactie van het zenuwstelsel en de hersenen op de rekbeweging die wordt waargenomen door de peessensor in de spier.

Uit onderzoek is dan ook gebleken dat sporters die na eenmalig rekken van vier tot zes minuten tot een uur lang een verbeterde beweeglijkheid hadden. Dit komt zeker goed van pas bij sporten als gymnastiek en turnen.

Om het nut van rekken verder objectief te kunnen beoordelen, moeten we eerst de verschillende rekvormen nader toelichten.

Statisch rekken
Bij deze rekvorm dien je de spier onder maximale rekspanning te brengen en deze positie vervolgens 30 seconden aan te houden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan veelgebruikte rekoefeningen voor de kuiten en hamstrings.

Dynamisch rekken
Deze rekvorm wordt ook wel aangeduid als ‘verend rekken’. Tijdens dynamisch rekken is het gewricht en daarmee ook de spier vrijwel continue in beweging. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het afwisselend strekken en (diep) buigen van de knie voor het rekken van de bovenbeenspieren. Dit door de hak naar de bil toe te trekken.

Wat vaak wordt gesteld is dat rekken voor of na de training of wedstrijd de kans op een blessure voorkomt, dit is echter vooralsnog niet overtuigend bewezen. Zoals eerder aangehaald, heeft rekken vóór de training wel een positief effect op de rektolerantie van de spier en beweeglijkheid van het gewricht.

Waarom niet rekken?

Een veelgenoemd nadelig effect van rekken na de training of wedstrijd, zo wordt gesuggereerd, is de schade die optreedt aan de spieren. Het zou de spiervezels, die reeds een flinke belasting hebben moeten leveren, vooral meer schade opleveren. Ook hierbij moeten we stellen dat dit niet gebaseerd is op hard bewijs maar berust op een aanname.

Wel bewezen is dat sommige, lang voor waar aangenomen, voordelige effecten van het rekprincipe, al die tijd onjuist zijn gebleken. Zo is het bijvoorbeeld onjuist dat rekken voor of na de training de kans verkleint op spierpijn of blessures. Een andere onjuistheid is dat rekken de doorbloeding verbetert.

Uit onderzoek is eveneens gebleken dat statisch rekken van de spieren leidt tot een acuut krachtsverlies van twee tot tien procent. Dit kan als een nadelig effect worden bestempeld voor sporters die zich bezighouden met explosieve krachtsporten.

Conclusie, wel of niet rekken?

Uit de meest recente onderzoeken is gebleken dat dynamisch rekken de voorkeur krijgt boven statisch rekken, zeker in het geval van een explosieve krachtsinspanning. Met het oog op beweeglijkheid en rekrolerantie, geeft het rekken vóór de inspanning, statisch of dynamisch, een verbeterd effect.
Omdat de gestelde effecten (verbeterde doorbloeding, blessurepreventie) niet bewezen zijn, blijken rekoefeningen ná het sporten vooralsnog niet van toegevoegde waarde.

Aangezien de onderzoeken elkaar tegenspreken, gaan we voorlopig geen 100% duidelijkheid krijgen over de precieze voordelen van rekoefeningen. Echter, het psychologische effect zal ook wel degelijk een rol blijven spelen. Rekken is voor sporters immers het ideale moment om nog even te concentreren voor het grote werk begint!

knie

Bobbel in de knieholte

Wanneer er zich een bobbel in de knieholte bevindt, dan is dat meestal het gevolg van een aandoening die een ‘Bakerse cyste’ wordt genoemd. Hoewel het hier gaat om een goedaardige zwelling, kan deze wel vervelende klachten met zich meebrengen.

De patiënt heeft het idee dat er een bal in de knieholte zit. Dit zorgt voor een strak gevoel en kan met name het buigen lastiger maken. De aandoening bestaat vaak in combinatie met een andere aandoening van het kniegewricht.

Gerelateerde afbeelding


Door bijvoorbeeld artrose of een meniscusscheur produceert het gewricht dan meer vocht. Dit vocht puilt dan uit doordat een zwakke plek in het kapsel aan de achterkant van de knie als een soort ballon gevuld wordt.


Belangrijk in de behandeling van de Bakerse cyste is om de onderliggende oorzaak van de overmatige vochtproductie weg te nemen. Hierdoor neemt de zwelling af en zullen daarmee ook de klachten verminderen. Wanneer klachten desondanks toch aan blijven houden, dan kan de cyste leeggezogen worden met een naald of operatief behandeld worden.

Been

Wat is een trombosebeen?

Voor sommige aandoeningen is het belangrijk dat er op tijd behandeld wordt om ernstiger letsel te voorkomen. Een trombosebeen is zo’n aandoening.

Bij een trombosebeen wordt de bloedstroom in een bloedvat belemmerd door een bloedstolsel dat daar de weg verspert. Dit kan vervelende klachten tot gevolg hebben zoals een opgezwollen been dat zwaar aanvoelt.

Een trombosebeen hoeft op zichzelf nog niet zo gevaarlijk te zijn. Het gevaar zit hem vooral in het bloedstolsel dat weer los kan schieten en vervolgens ergens anders in het lichaam de bloedstroom kan blokkeren.

Het bloedstolsel kan bijvoorbeeld in de longslagader terecht komen. Als gevolg hiervan wordt er minder bloed door de longen gepompt waardoor de hoeveelheid zuurstof in het bloed daalt.

Om ernstiger letsel te voorkomen is het daarom belangrijk om bij de eerste symptomen van een trombosebeen een arts te raadplegen zodat er snel behandeld kan worden.

Voet

Voetpijn als gevolg van het ‘sinus tarsi syndroom’

In de voet bevindt zich een soort van tunnel waardoor verschillende structuren lopen. Deze tunnel noemen we de ‘sinus tarsi tunnel’. Wanneer de structuren in of rondom deze tunnel aangedaan zijn, spreken we van het ‘sinus tarsi syndroom’.

De voetpijn die ontstaat ten gevolge van een probleem met de tunnel kan brandend, stekend of tintelend aanvoelen. De pijn wordt gevoeld aan de buitenkant van de voet.

De sinus tarsi tunnel

Om een beetje een idee te krijgen van waar de sinus tarsi tunnel zich bevindt kunt u de volgende afbeelding bekijken.

Afbeeldingsresultaat voor sinus tarsi tunnel

Behandeling

Er zijn verschillende behandelingen mogelijk voor deze aandoening. Uw kinesitherapeut kan u hierbij helpen.

Ganglion

Waar komt die bult op mijn pols vandaan?

Afbeeldingsresultaat voor ganglion

Bij sommige mensen is er een lokale zwelling op de pols aanwezig waarvan men niet weet waar die vandaan komt. Dit zou wel eens een ganglion kunnen zijn.

Een ganglion is een holte gevuld met een stroperig vloeistof. De plaats waar dit het vaakst voorkomt is bovenop de pols. Hoe een ganglion ontstaat is in veel gevallen niet duidelijk. Een aandoening van een van de polsgewrichten kan een oorzaak zijn.

Gelukkig geeft een ganglion meestal geen of maar weinig klachten en behandeling is dan ook vaak niet nodig. Wanneer een ganglion wel klachten geeft dan kan dit pijn en een verminderde beweeglijkheid van de pols veroorzaken. Behandeling bestaat dan uit het leegzuigen van het ganglion of het geheel verwijderen hiervan. Jammer genoeg heeft een ganglion vaak de neiging om weer terug te keren.

KANS

Muisarm, tablet-nek, smartphone-pols, gameboy-duim of whatsapp-duim?

Afbeeldingsresultaat voor Muisarm, tablet-nek, smartphone-pols, gameboy-duim of whatsapp-duim?

De populaire namen voor klachten aan de arm, nek en/of schouder vliegen je tegenwoordig om de oren. Op zich heel begrijpelijk, want door een aandoening een populaire naam te geven wordt deze gemakkelijker onthouden. Specialisten proberen dit echter te voorkomen.

Specialisten gebruiken liever één naam voor een groot aantal klachten die in de nek, schouder en arm voorkomen. Of u nu een muisarm, tablet-nek of whatsapp-duim heeft; de specialist zal opschrijven dat u KANS heeft.

KANS
KANS is een afkorting voor klachten aan de arm, nek en/of schouder. Het is een algemene benaming voor klachten die in deze lichaamsregio voorkomen en niet zijn veroorzaakt door een ongeluk of val.

Vroeger hoorde je de term RSI ook nog regelmatig langskomen als men deze klachten bedoelde. Tegenwoordig wordt deze naam door specialisten echter vermeden omdat de afkorting RSI staat voor repetitive strain injury. De naam suggereert hiermee dat de klachten altijd het gevolg zouden zijn van het veelvuldig uitvoeren van een bepaalde activiteit of beweging. Dit is lang niet altijd het geval.

kniepees

Bult of zwelling langs de kniepees

Afbeeldingsresultaat voor knieklachten

Hoffitis is een ontsteking van het vetlichaam van Hoffa. Dit is een vetophoping die achter en naast de kniepees ligt. Door de zwelling die bij Hoffitis ontstaat, zijn er één of twee bulten zichtbaar aan de voorkant van de knie naast de kniepees.

Bij hoffitis treedt er een zwelling van het vetlichaam op waardoor het ingeklemd raakt tijden het (over)strekken van de knie. Deze zwelling is zichtbaar als twee bobbels net naast de kniepees die zich onderaan de knieschijf bevindt. Dit veroorzaakt pijn bij bijvoorbeeld (hard)lopen. Maar ook hurken of op de knieen zitten kan vervelend zijn, omdat er dan veel spanning/druk op het vetlichaam komt te staan. 

Meestal herstelt een hoffitis goed wanneer een tijdje rust genomen wordt. Soms is er echter sprake van een onderliggend probleem in de knie zoals artrose. Uiteraard moet in dit geval ook de artrose adequaat aangepakt worden.

fibromyalgie

Tenderpoints bij fibromyalgie

Afbeeldingsresultaat voor fibromyalgie

De diagnose fibromyalgie wordt tegenwoordig regelmatig gesteld. Dit komt omdat er de laatste jaren steeds meer aandacht voor is. Fibromyalgie staat ook bekend onder de naam ‘weke delen reuma’ en is een aandoening waarbij de spieren en het omliggende bindweefsel klachten geven.

Het is niet geheel duidelijk waar de aandoening vandaan komt. Dit maakt behandelen lastig en genezing nog niet mogelijk. Vaak lopen mensen al geruime tijd met klachten als spierpijn, vermoeidheid, darmklachten en stemmingswisselingen. Dit zijn klachten die bij heel veel aandoeningen voor kunnen komen. Daardoor kan het vaak enige tijd duren voordat duidelijk wordt waar de klachten vandaan komen.

Tenderpoints

Kenmerkend voor fibromyalgie zijn de zogenaamde tenderpoints. Dit zijn pijnlijke punten op specifieke plaatsen, verspreid over het hele lichaam. Deze tenderpoints worden ook gebruikt om de diagnose te stellen.

Behandeling van fibromyalgie

De behandeling is erop gericht om de gevolgen van fibromyalgie zoveel als mogelijk te beperken. Zo kunnen pijnstillers en een aanpassing in de leefstijl de klachten verminderen. Ondertussen wordt door de medische wereld hard gewerkt aan het vinden van een meer permanente oplossing.