Geen categorie

GONARTROSE: HET BESTE SCHOEISEL

Afbeeldingsresultaat voor schoenen artrosePARIJS 04/04 – Onder de risicofactoren voor gonartrose komen die met een « mechanisch » karakter het meeste voor : obesitas, afwijkingen in de as van de onderste ledematen, voorafgaandelijk trauma… Los van de farmacologische behandeling moeten ook deze factoren gecorrigeerd worden. Gewichtsverlies en inlegzolen hebben bijvoorbeeld hun efficiëntie reeds bewezen, net zoals het dragen van bepaalde schoenen.

Het beste schoeisel is datgene wat de manier van adductie van de onderste ledematen gunstig wijzigt om te komen tot een verminderde spanning op het mediale compartiment.

De auteurs hebben 3 types van schoeisel onderzocht: blote voeten, gewone schoenen, en aangepaste schoenen met een zijdelingse verbreding van de zool, wat leidt tot een valgisatie van het onderste lidmaat. Deze methoden werden bestudeerd bij 90 patiënten onderverdeeld in 3 groepen van 30 : personen die lijden aan symptomatische gonartrose met radiografische tekenen, personen zonder radiografische gonartrose maar met overgewicht (BMI groter dan 25 kg/m²), en asymptomatische personen met een normaal gewicht. Alle personen waren ouder dan 40 jaar.

Samen met de evaluatie van het pijnniveau door middel van een Visuele Analoge Schaal (VAS) en de Western Ontario and McMaster Universities Arthritis Index (WOMAC), werd het stappen geanalyseerd in 3D wat toeliet om het moment van adductie en flexie van onderste lidmaat te berekenen, en de impact ervan op de belasting van het mediale compartiment.

De aangepaste schoenen verminderden het moment van adductie van de knie van de personen met overgewicht (p = 0,03) of lijders aan gonartrose (p = 0,002). Voor deze laatsten waren de aangepaste schoenen gelijkwaardig aan het stappen op blote voeten. Deze schoenen leidden tot een vermindering van het adductiemoment met 7,9 ± 8,9 % in geval van gonartrose, en van 4,7 ± 5,4 % voor de personen met overgewicht. Opmerkelijk, er was geen enkel verschil in het flexiemoment en er was geen significant verschil in de pijnscore met VAS of WOMAC.

Alles bij elkaar bevestigt deze studie dat het mogelijk is om een gunstig effect te bekomen op het adductiemoment en op de spanning op het mediale compartiment van een knie met artrose of die lijdt onder gewichtsoverbelasting door een ad hoc schoeisel. Deze aanpassing gaat niet gepaard met een verbetering functioneel niveau en van de pijn, maar een verdere evaluatie zou nuttig kunnen zijn omdat het mogelijk is dat de verminderde spanning een laattijdig gunstig effect kan hebben op de symptomen en misschien op de structurele evolutie van de gonartrose.

Geriatrische revalidatie

ONDERZOEKSPROJECT MET HARTSLAGMETER EN SMARTPHONE WIL BEJAARDEN MEER LATEN BEWEGEN

Afbeeldingsresultaat voor ouderen smartphone

ANTWERPEN 04/04 – In het woonzorgcentrum Gravenkasteel in Sint-Amands starten 40 bewoners deze week met de testfase van ‘Fit-4-Life 65+’, een onderzoeksproject van BioRICS (KU Leuven) en de Vlaamse onderzoeksorganisatie VITO dat de gezondheid van senioren op peil wil helpen houden.

De bejaarden zullen drie maanden lang een hartslagmeter dragen en een smartphone die de hartslag en het bewegingspatroon registreert. Die gegevens worden automatisch naar de onderzoekers gestuurd, die ze zullen analyseren en wekelijks een gedetailleerd overzicht van de fysieke toestand van de deelnemers bezorgen aan de kinesitherapeuten van het woonzorgcentrum.

De tussentijdse resultaten zouden de bejaarden moeten aanzetten tot meer beweging. “De helft van de deelnemers zal deelnemen aan specifieke oefeningen, terwijl de rest enkel gemonitord wordt en geen extra beweging van ons krijgt”, zegt Rudi Veekhoven van Soprimat, beheerder van woonzorgcentra. “De bedoeling is onder meer dat ook wie geen oefeningen krijgt, toch op eigen initiatief meer aan beweging gaat doen wanneer hij of zij de resultaten ziet.”

Bij aanvang en het einde van de testfase brengen de onderzoekers ook de algemene gezondheidstoestand van elke deelnemer in kaart. Ze voeren daarbij een aantal nieuwe technieken en tests uit zoals het op basis van een foto van het netvlies inschatten van de gezondheid van de kleinste bloedvaten van het hart- en bloedvatenstelsel.

De eindresultaten van het onderzoek worden in september verwacht en moeten leiden tot innovatieve oplossingen die de kosten in de verzorgingssector drukken en de zelfredzaamheid van senioren verhoogt.

Geen categorie

NAGEBOOTST MENSELIJK WEEFSEL REDT KRAAKBEEN

TWENTE 04/04 – Meer dan één miljoen mensen in Nederland lijden aan pijnlijke gewrichten. Dit komt door de slijtage van kraakbeen onder andere veroorzaakt door trauma’s, ouderdom of ziektes zoals osteoartritis. Onderzoeker Jos Wennink van de Universiteit Twente onderzocht voor zijn promotie een manier om het kraakbeen te herstellen door middel van nieuwe injecteerbare materialen.

Om de pijn bij pijnlijke gewrichten te verminderen en herstel en groei van kraakbeen op gang te helpen worden er meestal medicijnen gegeven met vaak vervelende bijwerkingen. Om deze bijwerkingen tegen te gaan is getracht om deze medicijnen lokaal in de gewrichten toe te dienen. Echter, de medicijnen worden door bloedvaten snel weg getransporteerd van het gewricht nog voordat ze hun werking hebben gedaan. Regelmatig wordt de pijn zo erg dat besloten wordt om het gewricht te vervangen met een metalen knie-implantaat. Deze operaties kosten veel geld en zijn vaak tijdelijke oplossingen.

Kraakbeencel maakt nieuw kraakbeenweefsel

Wennink vond een manier om het kraakbeen te herstellen door middel van nieuwe injecteerbare materialen. Deze materialen, een vloeistof buiten het lichaam, vormen na injectie hydrogelen door een enzymatische reactie of fysische interactie. Hydrogelen zijn materialen die grote hoeveelheden water kunnen vasthouden en daardoor de eigenschappen van menselijk weefsel hebben. Omdat het een vloeistof buiten het lichaam is kunnen er eenvoudig medicijnen of kraakbeencellen in gemengd worden die vervolgens geïnjecteerd worden. “Aangetoond is dat de ontwikkelde hydrogelen de kraakbeencellen stimuleren tot het aanmaken van nieuw kraakbeenweefsel dat specifiek in gewrichten voorkomt. Tijdens de aanmaak van nieuw kraakbeenweefsel nemen de hydrogelen langzaam af waardoor er op den duur alleen kraakbeenweefsel achterblijft. Omdat deze materialen op de plek van het defect een gel vormen, vullen zij het defect goed en is het mogelijk om de behandeling arthroscopisch (een minimaal invasieve techniek om in het gewricht te kijken en letsel te behandelen) uit te voeren,” vertelt Jos Wennink.

Einde knie-implantaat in zicht
Op termijn is het dus mogelijk om de vaak dure metalen knie-implantaatoperaties, met risico’s voor infecties, te vervangen voor een gesloten knie- operatie waarbij het materiaal geïnjecteerd wordt met een spuit. De geïnjecteerde hydrogel start het herstel en de groei van nieuw kraakbeen wat voor een permanente oplossing zorgt bij de patiënt.

massage

EXERCISE AS GOOD AS MASSAGE FOR SORE MUSCLES

Afbeeldingsresultaat voor runnersNEW YORK (Reuters Health) – The aches and pains people suffer after exercising more than usual can be relieved just as well by more exercise as by massage, according to a new study.

“It’s a common belief that massage is better, but it isn’t better. Massage and exercise had the same benefits,” said Dr. Lars Andersen, the lead author of the study and a professor at the National Research Center for the Working Environment in Copenhagen. Earlier research has shown that massage can offer some relief from work-out soreness. To see how well light exercise compares, Dr. Andersen and his colleagues asked 20 women to do a shoulder exercise while hooked up to a resistance machine. The women shrugged their shoulders while the machine applied resistance, which engaged the trapezius muscle between the neck and shoulders. Two days later, the women came back to the lab with aching trapezius muscles. On average they rated their achiness as a five on a 10 point scale, up from 0.8 before they had done the shoulder work-out. Then the women received a 10-minute massage on one shoulder and did a 10-minute exercise on the other shoulder. Some women got the massage first, while others did the exercise first. The exercise again involved shoulder shrugs; this time the women gripped an elastic tube held down by their foot to give some resistance. (Hygenic Corporation, which makes the tubing used in the study, supported the study.) Andersen’s group found that, compared to the shoulder that wasn’t getting any attention, massage and exercise each helped diminish muscle soreness. The effect peaked 10 minutes after each treatment, with women reporting a reduction in their pain of 0.8 points after the warm up exercise and 0.7 points after the massage. “It’s a moderate change,” said Dr. Andersen, whose study appeared March 21st in the Journal of Strength and Conditioning Research. He said he expects that athletes would notice the difference, however. “I think that for athletes…by reducing soreness then they’re able to perform better, but we didn’t measure this. But if you are sore your movements are very stiff,” he said. Dr. Andersen would like to see future studies track whether warming up the muscles to relieve soreness does indeed impact how well athletes perform. The study suggests that “maybe (massage or exercise) has some benefit for individuals prior to an activity, even though the benefit may be short-lasting,” said Jason Brumitt, of the School of Physical Therapy at Pacific University, who was not involved in the research. It’s not clear how massage or exercise would relieve soreness, but Brumitt said that it’s thought that they help to clear out metabolic byproducts associated with tissue damage. Andersen recommends that people try light exercise to ease their pain. The effect is moderate, and only offers temporary relief, but the benefit of using exercise, Dr. Andersen said, is that it doesn’t require a trained therapist or travel time. “If people go out and exercise and get sore they can find some relief in just warming up the muscles,” he said.

Artrose

ARTROSE MOGELIJK TE BESTRIJDEN MET CHOLESTEROLMEDICATIE

ANTWERPEN 19/11 – Onderzoeker Universiteit Antwerpen vindt aanwijzingen dat cholesterolverlager schade aan kraakbeen voorkomt Artrose mogelijk te bestrijden met cholesterolmedicatie

Er zijn veelbelovende aanwijzingen dat cholesterolverlagende middelen als statines en fibraten kunnen worden toegepast om artrose te voorkomen of tot stilstand te brengen. Dat blijkt uit onderzoek van de Vlaamse orthopeed Stefan Clockaerts, die drie jaar onderzoek deed in het Rotterdamse Erasmus MC en binnenkort doctoreert aan de Universiteit Antwerpen.

Clockaerts maakte onder meer gebruik van medische informatie afkomstig uit het Ergo-onderzoek, dat al sinds 1990 loopt in de Rotterdamse wijk Ommoord. Zijn onderzoek vond plaats onder auspiciën van de afdelingen Orthopedie, Epidemiologie en Huisartsgeneeskunde van het Erasmus MC-onderzoek.

De ontdekking van Clockaerts begon met het bewijs dat vetweefsel in het kniegewricht bijdraagt aan deze ontstekingsprocessen. Zogeheten knievet scheidt ontstekingsstoffen uit, die het kraakbeen beïnvloeden. Komt knievetweefsel bovendien in de buurt van een bestaande ontsteking, dan produceert het knievet nog meer van deze stoffen.

Vervolgens testte Clockaerts door middel van weefselonderzoek of lipide- ofwel vetverlagende middelen als statines en fibraten ervoor zorgden dat het knievet zou stoppen met de productie van deze ontstekingsstoffen. Dat bleek het geval. Bovendien werd getest wat het effect van fibraten was op kraakbeenweefsel en het weefsel van het slijmvlies dat de gewrichten omkapselt. Dat effect bleek gunstig te zijn.

In het Rotterdamse Ergo-onderzoek keek hij vervolgens of artrose significant veel minder vaak voorkomt bij mensen die statines slikten, bijvoorbeeld vanwege een te hoog cholesterol-gehalte. Ook dat bleek het geval.

Dit betekent volgens Clockaerts dat mag worden aangenomen dat statines en fibraten mogelijk een positieve bijwerking hebben, namelijk dat zij artrose kunnen voorkomen of tot stilstand brengen. ,,Voordat deze middelen echter in de praktijk kunnen worden toegepast op –potentiële- patiënten met artrose, is een gedegen dubbelblind klinisch onderzoek nodig, waarbij de ene helft van de patiëntengroep een placebo krijgt en de andere helft statines,” verklaart Clockaerts. ,,Vervolgens zullen we kijken of de huidige vermoedens echt worden bevestigd.”

Op 22 februari 2013 promoveert Clockaerts aan de Universiteit Antwerpen, waar hij op de Departementen Orthopedie en Reumatologie aan het eerste deel van zijn onderzoek werkte.

Chronische pijnen

KORTSLUITING IN DE HERSENEN VEROORZAAKT CHRONISCHE PIJN

ANTWERPEN 04/03 – Uit doctoraatsonderzoek blijkt dat sommige vormen van chronische pijn bij violisten en whiplashpatiënten veroorzaakt worden door een kortsluiting in de hersenen. Dat meldt de Universiteit Antwerpen maandag in een persbericht.

Om te kunnen bewegen, plannen en sturen onze hersenen continu onze bewegingen, gebaseerd op informatie uit ogen, evenwichtsorganen, spieren en gewrichten. Wanneer die informatie niet overeenkomt met wat onze hersenen voorspelden, kan ons lichaam zichzelf corrigeren, maar soms ontstaat er een conflict tussen wat werd voorspeld en werkelijk werd uitgevoerd. Dat kan pijn en andere symptomen tot gevolg hebben. “Je kan het vergelijken met wagen- of reisziekte. Die ontstaat als gevolg van een conflict tussen ogen en evenwichtsorgaan, ” legt doctoraatsstudent Liesbeth Daenen uit.

“Sommige violisten krijgen na een tijd last van onverklaarbare symptomen zoals stijfheid, tintelingen en krampen, iets wat de carrière van de musicus soms ernstig kan hinderen, ” vervolgt Daenen. “Het onderzoek wees uit dat violisten met bepaalde klachten een toename van de bestaande symptomen ervaren tijdens het uitvoeren van een taak waarin een bewegingsconflict werd uitgelokt.”

Whiplashpatiënten krijgen dan weer aanhoudende klachten zoals hoofd- en nekpijn, maar ook concentratie- en slaapstoornissen. Het doctoraatsonderzoek toont aan dat zij bewegingen anders verwerken, met pijnklachten tot gevolg. Bij sommige patiënten werken ook pijndempingsmechanismen niet meer goed. Het onderzoek biedt volgens Daenen een aanzet tot betere preventie en een meer gerichte behandeling bij violisten. Het ziektebeeld bij whiplashpatiënten wordt duidelijker en bepaalde therapieën kunnen tot een verbeterde gezondheidstoestand leiden.

Artrose

POPULAIRE GEWRICHTSSUPPLEMENTEN WERKEN NIET, VOLGENS EEN STUDIE

Chronische Aandoening - Artrose

LONDON 28/09 – Twee supplementen die miljoenen mensen innemen voor gewrichtpijn, werken niet en zouden niet mogen terugbetaald worden door de gezondheidsautoriteiten of de verzekeraars, volgens een studie van Zwitserse wetenschappers.

De supplementen, glucosamine en chondroïtine, worden ingenomen alleen of in combinatie om de pijn als gevolg van artrose in de heupen en de knieën te verminderen.

Maar in een review van studies die betrekking hadden op 3803 patiënten met knie- of heupartrose, vonden de Zwitserse onderzoekers dat er “geen klinisch relevant effect” bestond van chondroïtine, glucosamine, of de combinatie van beide op de waargenomen gewrichtspijn.

“De gezondheidsautoriteiten en verzekeringsinstellingen zouden de kosten van deze preparaten niet mogen dekken, en nieuwe voorschriften bij patiënten die de behandeling nog niet gekregen hebben, moeten afgeraden worden,” verklaarde Dr. Peter Juni van de Universiteit van Bern; zijn studie werd vrijdag gepubliceerd in de British Medical Journal.

Het team van Dr. Juni verklaarde dat artsen de laatste 10 jaar steeds meer glucosamine en chondroïtine voorschreven aan hun patiënten, en mensen met gewrichtspijn kopen ze ook zonder voorschrift.

Volgens hun onderzoek bedroeg de globale verkoop van glucosamine supplementen bijna 2 miljard dollar in 2008 – een stijging met ongeveer 60% sinds 2003.

De onderzoekers analyseerden 10 vroeger gepubliceerde studies en evalueerden de gegevens in verband met de verandering van de pijnniveaus nadat de patiënten glucosamine, chondroïtine, of een combinatie hadden ingenomen, in vergelijking met placebo.

“In vergelijking met placebo, konden glucosamine, chondroïtine en hun combinatie de pijn niet verminderen en ze hadden geen invloed op de vernauwing van de gewrichtsspleet,” noteerden ze.

De wetenschappers noteerden dat, ondanks deze bevinding, sommige patiënten ervan overtuigd waren dat de supplementen werkten. Ze verklaarden dat dit te wijten zou kunnen zijn aan het natuurlijk fluctuerend verloop van artrose of een placebo-effect, dat bijzonder uitgesproken kan zijn voor pijn.

Tenniselleboog

STEROIDINJECTIES VOOR TENNISELLEBOOG KUNNEN SCHADELIJK ZIJN EN NIET HELPEN

Tenniselleboog: oorzaken en remediesNEW YORK 06/02 – Cortisoninjecties genezen enniselleboog niet beter dan een zoutoplossing, volgens een nieuwe studie – en ze zouden het herstel eigenlijk kunnen vertragen.
Enkele weken na de injecties meldde de cortisongroep minder pijn en invaliditeit dan de placebogroep. Maar een jaar later bleven de patiënten die behandeld werden met cortison, achter op de placebogroep in hun kans op volledig herstel.

“Dit bevestigt absoluut dat steroïdinjecties niet zo een goed idee zijn,” verklaarde Dr. Allan Mishra van Stanford University in Menlo Park, California.

“Dit is belangrijk, omdat mensen denken dat het in orde is als ze een cortisoninjectie krijgen (voor tenniselleboog) maar het is niet in orde. Op lange termijn ondervind je de nadelen op het vlak van het herstel,” verklaarde Dr. Mishra, die onderzoek voerde naar de behandeling van tenniselleboog maar die niet betrokken was bij de nieuwe studie, aan Reuters Health.

Afgelopen maand toonde een studie in Denemarken aan dat noch steroïdinjecties, noch plaatjesinjecties de pijn en het functioneren bij mensen met laterale epicondylitis, of tenniselleboog, meer verbeterden dan zoutinjecties, gedurende een periode van 3 maanden (zie verslag Reuters Health van 22 januari 2013).

Onderzoekers hadden er toen voor gewaarschuwd dat de follow-up periode van de studie kort was en dat de resultaten er anders zouden kunnen uitzien 6 maanden of 1 jaar na de injecties.

Door de patiënten langer op te volgen, brengt het nieuwe rapport meer duidelijkheid over de mogelijke peesschade op lange termijn die veroorzaakt kan zijn door cortisoninjecties, noteerde Dr. Mishra.

Dr. Bill Vicenzino van de University of Queensland in Australië en zijn team randomiseerden 165 volwassenen met tenniselleboog voor één van vier behandelingsgroepen: cortisoninjecties met fysiotherapie, placebo-injecties met fysiotherapie, cortisoninjecties zonder fysiotherapie en placebo-injecties zonder fysiotherapie.

Na één jaar was er geen verschil in pijn of functioneren, op basis van het feit of de patiënten de acht sessies van de voorgeschreven behandeling hadden gekregen.

Van de patiënten die een cortisoninjectie hadden gekregen, rapporteerde 83% een volledig herstel na één jaar, in vergelijking met 96% van deze die een placebo-injectie hadden gekregen, volgens de resultaten die dinsdag werden gepubliceerd in de Journal of the American Medical Association.

Er was ook meer kans op recidiverende symptomen in de cortisongroep. Het onderzoeksteam berekende dat één persoon meer een recidief zou gehad hebben per 2 of 3 personen behandeld met een cortisoninjectie in plaats van een zoutinjectie.

“Deze gegevens ondersteunen niet de klinische praktijk om corticosteroïdinjecties te gebruiken om de actieve revalidatie te vergemakkelijken,” noteerde het studieteam.

Dr. Mishra verklaarde dat de onderzoekers zoeken naar betere behandelingen om de oorzaak van tenniselleboog aan te pakken, zoals een verzwakking van collageen in de pees. Een mogelijke optie zijn injecties van plaatjesrijk plasma, maar “maar we zijn nog niet zover,” noteerde hij.

Vele gevallen van tenniselleboog verdwijnen spontaan met de tijd en/of met standaard stretchoefeningen, aldus Dr. Mishra.

“Ik denk dat oefeningen thuis wellicht volstaan om dit te behandelen,” vertelt hij aan zijn patiënten. “Je bent beter af dan met een cortisoninjectie. Hiermee kan je beginnen en het is zelfs mogelijk dat je geen fysiotherapie nodig hebt.”

Dr. Vicenzino reageerde niet tijdig voor de publicatie van dit verslag op een vraag naar commentaar.

Rugklachten

Video: zo belangrijk is een goede houding

Je postuur is meer dan een esthetisch visitekaartje: een slechte houding zorgt voor heel wat meer ongemakken dan een stijve nek of pijnlijke schouders.

“Recht je rug, schouders naar achter, kantel je bekken, stop met hangen!” Vandaag de dag zijn de tien geboden gereduceerd tot vier, maar ze zijn er daarom niet minder makkelijk op geworden. Hoe vaak hoor jij immers dat je rechter moet staan of voel je zelf dat je zithouding niet optimaal -maar wel comfortabel- is?

Nu de meeste job bestaan uit ‘achter een computer zitten’ en Whatsapp ons dwingt om ons leven voorovergebogen door te brengen “want ze kunnen zien wanneer ik een bericht gelezen heb en niet antwoord, mama!” is onze houding er niet op vooruitgegaan.

Esthetisch ongemakje, mag je dan wel denken, maar deze TedEd video toont aan dat een slechte houding niet alleen zorgt voor fysieke, maar ook voor emotionele stabiliteit. Een verkeerde houding kan bovendien gelinkt worden aan spanningshoofdpijn en vermoeidheid.